Wim van den Hoonaard

Het regent vaak in november
de negende maand of de elfde
de tegenwind maakt ons geremder
en ’t jaar eindigt meestal hetzelfde

mistletoe wacht in november
hartstochtelijk op regenzoenen
terwijl sommigen steeds ontstemder
en hardvochtig zichzelf depri noemen

herfstkleurige bomen en vlaggetjes in de stad
tijdens een wandeling was de limbo wat nat
en de straat begon te ontvolken

gezelligheid was ver te zoeken
maar ach, waarom zou ik vloeken
‘k loop toch met mijn hoofd in de wolken.

Wim van den Hoonaard

Geachte dames
en dito heren

hoe bestaat het dat
de wereld buiten
mijn diepste punten
van verbeelding
kan akti-veren…

Wim van den Hoonaard

Als ik kies voor goed of kwaad
vroeg ten onder, misschien laat
koud in bed of een goot in de straat
hoe overleef ik de spagaat?

Goed en kwaad kunnen overal bij
en sta ik voor of achter in de rij
beneden èn boven ben ik niet vrij
maar wat me tegenhoudt zijn zij!

Of misschien vergis ik mij,
ben ik het kruis(igings)punt voorbij
en is er ook geen weg terug

naar de plek van de genomen maat
terwijl een behoefte nog steeds bestaat
aan meer welvaart, graag wat vlug!

Wim van den Hoonaard

Komrij met mij naar de kim
van den Hoofdakker om te ploegen
alvorens wij uit puur genoegen
zaaien daar een nieuw begin.

Langs ’t zaaigoed gaan dichtersdromen
hun eigen weg en blijven komen;
niet het groeien doet soms pijn
maar het niet gelezen zijn…

Misschien zal deze dichter het nooit leren;
een oliebol weet wanneer-ie moet keren.

Wim van den Hoonaard

.-  -.-. ….
….  .  -…  —  .  .  .-..  -.–
—  .  –  -..  .
-..  ..  -.-.  ….  –  .  .-.
-..  ..  .  –..  ..  .—  -.
….  .  .-.  …  .  -.  .-.  —  .  .-.  …  .  .-..
..-  ..  –

(- is ‘dah’ en . is ‘dit’).

Wim van den Hoonaard

(vrij vertaald: Lentefeest)

Door gekleurde ruiten
tuur ik doorgaans naar buiten
en vind na lange winternachten
geruststelling in een gedachte:

Ook later zijn het anoniemen
die ondanks mij ontkiemen
want ik ben hier toch maar even
maar eeuwig viert de lente ’t leven!

Wim van den Hoonaard

Wij huilden en wij lachten
wij leefden ons gevecht
wij waren aan het leven
en aan elkaar gehecht

juist daarom deed het scheiden
van onze wegen pijn
het was toch voor ons beiden
een stukje samen zijn

een formule werd gekozen
voor ’t aangenaam verpozen:
als vrienden uit elkaar

verwelkt zijn nu die rozen
en ik zit in ’t schip te hozen;
o, zag ik jou nog maar…

Wim van den Hoonaard

denkend dat
een sleur
hem slecht
verlicht

doet hij
een deur
achter zich

dicht

Wim van den Hoonaard

Ik had je graag nog willen zeggen
terwijl jij ‘t wist dit uit te leggen
dat het leven zweven  is
als het leven geven is
maar wat jammer
dat je langsliep
toen ik langsliep.

Wim van den Hoonaard

nu floept ut
dur zomaar uit!

vaak is ut
un schouwtoneel
of een gevecht
zoals u wilt

maar immur
neem ik
muzelluf mee

en

ik kan altijd
lekkur dromun…

ennu ?

Wim van den Hoonaard