Patatblues

Ik leerde haar kennen, een middag in mei,
ze stond patat friet te verkopen.
Haar vrolijke lach en haar decolleté
braken het zwerk voor mij open.

Ze stond op de markt die middag in mei,
de blaadjes kregen weer bomen.
Ik sloeg bij het zien van haar slanke figuur
meteen van verliefdheid aan ‘t dromen.

Refrein:
In de septembernacht
zit ik van spijt te slikken:
Sophie met haar horny oogopslag,
die me nu laat stikken.

Vanaf die bijzondere middag in mei
wist ik daag’lijks mijn honger te stillen
met een portie patat en elke dag weer
zaten wij met z’n tweeën te chillen.

Drie maanden lang ging ik zes keer per week
bij haar langs om patat te verwerven.
We waren verliefd en beloofden elkaar
het hemelse rijk te beërven.

Refrein

We gingen als paar naar het dichtersfestijn,
het Tuinfeest in Deventer hoven.
Daar werd ze verliefd op een Turkse poëet.
En ik werd naar elders gewoven.

“Jij bent door het eten van al die patat
a little too much aangekomen”.
dat zei ze en ik, ach, besefte meteen:
Patat maakt een eind aan je dromen.

Refrein

Tinus Derks