Guido Gezelle , (1830 – 1899)

Oh mijn dierbare Gezelle
wist wel dat je priester was
dat je zo goed kon vertelle,
nee, maar ‘k leerde het alras

Dat je liever in de hemel woonde
dan op dees boos aard,
wist ik ook niet, maar ik leerde ‘t
uit je versjes en je overtuigde
vrienden in je vaart.

Hopend eens de taal te spreken
van der eng’len tong
werd jouw slaap allengs
doorslopen door woorden
die jouw herte zong
oh, te zweven op die hoogte
en daar eeuwiglijk te woon…

Als de ziele luistert
hoort zij al te graag
wat een engel fluistert
in ’t nachtlijke vaag.
Zie jij door je dromen
wat jij horen wil
of wordt zo jouw ziele
door ’t verlangen stil?

Op je eigen wijze
vocht je met hand en tand
tegen wat je ziel verscheurde
de verfransing van je land
je liet je jongens woordjes zoeken
nieuw geboren in hun Belgisch schoon
want je taal mocht niet verloren
jij vond er je woon.

Sieth Delhaas, november 2023