Pieter Bas Kempe

(Petrus Datheen, of Pieter Daets, 1531 – 1588,
predikend ijveraar voor de Hervorming uit Frans-Vlaanderen, wiens berijmingen altijd nog in kleine Zeeuwse gezindten worden gezongen.

De Nood-Oost-Poolse stad Frombork was woon -, werk, sterf – en begraafplek (1543) van Mikolaj Kopernik, oftewel Copernicus: hij ontwikkelde het wereldbeeld waarin de aarde om de zon draait, strijdig met de kerkleer uit die tijd.

Willem Barnard, 1920 -2010, godgeleerde, predikant in verscheidene Hervormde genootschappen, psalmberijmer, en onder zijn schuilnaam Guillaume van der Graft een vrijzinnig dichter. Met vijf anderen werkte hij jarenlang in Gelderland onder de groepsnaam ‘’Het Landvolk” aan het “Liedboek voor de kerken’’.)

Lang stonden zij in hun koesterkelder,
verbannen: al te hunkerend waren
deze karakterkoppen, het Pressburg
in de Maria – Theresia-tijd
niet besteed aan hun hoofdkwartier. Vol

verlangen wachtten de negen-en-zestig
van beeldhouwer Franz Xaver Messerschmidt
op hun bevrijding…in Bratislava,

nieuw land nieuwe kansen, woeien deuren
voor hen open, stak de Slowaakse
Nationale Galerij hen bij elkaar
op een ereplaats voor deze fanfare
van honger en dorst naar aanraking –

vel en bol en lijf, zij schreeuwen zich uit!

(aan deze Beiers-Habsburgse uitbeelder
van het gevoel, 1736 – 1783)

P.B. Kempe, december 2020

‘’ (…) GODS BARMHARTIGHEID REIKT VERDER DAN ZIJN WET.’’

(M. Nijhoff, Het Veer)

I – De Zekere
Wilhelmus: ook met zijn Duitschen bloed
botste zijn ark der weinigen. Recht door zee,
de rode des Tachtigjarigen Krijgs,
koersten mijn psalmen, tegen de wanden weergalmend
van wijkend water. Het beloofde land
week mee, almaar oostwaarts: Hondschoote, Gent,
Emden, Elblag – waar ik begraven lig, nabij
die godverlaten zonaanbidder van Frombork!
Maar Petrus Datheen, ter hagenpreek beroepen,
zal heerlijk, van Zonnemaire tot Dreischor,
In stroeve Zeeuwse verzenzang herrijzen….

II – De Weifelende
Guillaume, Willem voor zijn vrienden: met velen zijn zij,
wanneer ik mijn woordketting vier en span, mij de ark
op de zalige Rijn en IJssel bij Oosterbeek
psalmzingen doet van Onzalige Bossen, of
droomopwaarts van Ellecom, Rozendaal….
Dit oude land
van altijd groene graften, deze bouwerij
in rekkelijke vrede: is er op aarde
meer benodigd voor het dichten om de zon?

P.B. Kempe, december 2020

Wat erg is

Als men geen Engels kent,
Van een goede Engelse misdaadroman horen,
Die niet in het Nederlands vertaald is.

Bij hitte een glas bier zien,
Dat men niet betalen kan.

Een nieuwe gedachte hebben,
Die men niet in een Hölderlinvers kan wikkelen,
Zoals de professoren doen.

Op reis bij nacht het slaan der golven horen
En mijmeren, dat ze nooit anders doen.

Heel erg: uitgenodigd zijn,
Als thuis de kamer stiller
De koffie beter
En geen conversatie nodig is.

Het ergste:
Niet in de zomer sterven,
Als het alom licht is
En de aarde losjes voor spaden.

(door P.B. Kempe vertaald uit het Duits van
Gottfried Benn, 1886 – 1956)

Was schlimm ist

Wenn man kein Englisch kann,
Von einem guten englischen Kriminalroman zu hören
Der nicht ins Deutsche übersetzt ist.

Bei Hitze ein Bier sehen
Das man nicht bezahlen kann.

Einen neuen Gedanken haben,
Den mann nicht in einen Hökderlinvers einwickeln kann,
Wie es die Professoren tun.

Nachts auf Reisen Wellen schlagen hören
Und sich sagen, dass sie das immer tun.

Sehr schlimm: eingeladen sein,
Wenn zu Hause die Räume stiller,
Der Kaffee besser
Und keine Unterhaltung nötig ist.

Am schlimmsten:
Nicht im Sommer sterben,
Wenn alles hell ist
Und die Erde für Spaten leicht.

Bier is het leven – water om zich mee te wassen
(vrij naar een Frans gezegde)

Vanaf een Brabants terras, nauwkeuriger
dat van de uitspanning “Het Pannehuske’’
in de bossen bij Achtmaal, buiten Zundert,

zien hoe een ruiter, juist zijn paard ontstegen,
de herberg verlaat met Westmalle Dubbel
in tweevoud – voor zichzelf en zijn edel dier.

Beiden lijkt de Trappist wel te bekomen:
zie hen gaan, likkebaarden d voort op de zandweg,

terwijl de dichter de dag en haar Dubbel
plukt – net als haar juist ontstane gedicht,
geenszins voortbrengsel van een waterdrinker…

P.B. Kempe, oktober 2020