Henk van Rossum

Na dat ongevraagde begin
en al dat lange zoeken
naar zin, naar echt en min
nu vastbesloten …. bijboeken!!

Kind ben je, man kun je worden.
Waar blijf je, waar kom je uit
tussen mannelijk en vrouwelijk,
tussen jong en ouwelijk?

In welke hof kun je rusten
met jouw fijne en jouw mindere lusten?
Wanneer overzie je alle speelvelden?
Wie deugen en zijn er foute helden?
Een stoere vrouw is nog geen heks
en ook opa “ELLY” doet aan seks!

Hoeveel vragen blijf je met je meedragen?
Hou je je jeugdkansels en de andere schragen?

Ook al rest er nog maar een fractie
van mijn eerste oer-contractie,
vrijuit zeg ik hier, zonder te zeven,
ik ben gek op het aardse liefdesleven,
zelfs in retrospectief,
ik heb dat leven nog razend lief!!

Henk van Rossum, juni 2024

Het motto van de
oude wereld:
alles stroomt
niets blijft en bovenal
haast je langzaam!!

Een nieuwe wereld
een ander motto:
sneller, hoger, sterker,
meer en nog meer
en bovenal geld.
Hebberige goden
wanen hun wereld.

Hoewel zelf inmiddels
van god los en op jaren
stap ik toch een schoenwinkel
binnen en vraag of ze ook
iets hebben tegen sloffen.

Henk van Rossum, mei 2024

En toch..en toch…
de liefde lief…

Zoekend naar bronnen
maar bij Wilmink begonnen:
Pas op voor dichters,
zeker voor oude,
hebben ze faam
zijn ze niet monogaam.
Annie M.G. heeft het ook geweten
liefdesverdriet, schamen en zweten.
Willem overzag het hele spectrum
met lonklippen, botoxrectum,
hunkervocht en grijsaards uit de bocht,
de volksmond lust immers geen oude heren,
zulk vuns verlangen, beter maar weren……

Maar toch maar toch, dan spreekt
een bejaarde Ophelia met sintelstem
die nog te zingen waant
indachtig al haar vlammen ooit
maar vooral het vuur van later
voor zichzelf als oude fakkel
met lak aan schoonheid en tijd,
toch troost voor oude toortsen
met hun flakkerende koortsen.

Henk van Rossum, april 2024

Dat het hier op
uit zou komen
op een vrouw
op een man

het harnas
van de huiver
had z’n maat
gewoontezuiver

een geijkte pas
twijfelt beslist niet
is is daar nooit was

stille jaren van
stom verdriet
dat is het echte
leven ook niet

uit dus die huiverjas
ik kon toch dansen, ook op
het graf van de kale kardinaal,
ik regisseer nu vrijmoedig
de jongste kale zangeres en
wacht inmiddels net
als de buren gewoon op Godot.

Henk van Rossum, maart 2024

(ontleend aan Immortellen XLIX)

Wellicht te vroeg geboren
heel zijn leven een last
had hij niet beter in onze jaren
in havermelk’s Amsterdam gepast?

Verliefd op de meid
van de melkboer
en zowaar
elke morgen daar
een natte stoep.
De melkboer vol vragen
maar de meid ging niet mee
in dat nachtelijke nat
van de bleke dichter-dominee.

Melkwinkels en melkmeiden
allemaal gestremd in de tijd
dominees blijven sterven
dichters houden woord.

Honderddertig jaar dood,
onvervulbaar verlangen nekte
Friese Frans, hoe hij ook bekte,
Piet’s grimlach blijft groot.

Henk van Rossum, februari 2024