Esther Smit

Ik vlieg, ik vlucht, begin opnieuw
of kies het ruime sop
Ik vind mijn draai op de thermiek
en hijs de zeilen op

Men volgt mij bijna ademloos
En kijkt en kijkt en kijkt
Maar als puntje bij paaltje komt
Wil men iets wat kookt en wast en strijkt

Esther Smit, september 2022

Zijdelings glijden mijn handen
Over de gladde huid van de fles
Ik kies met precisie

Ik, die geen vlieg kwaad zou doen
Kies, voor een pijnloze
Incisie

Ik keer de bovenkant
Van mijn moordwapen
Om

En giet een zoete lokstof
In de bodem
Drommen

Aan Belagers
Zullen de dood vinden
Dom als ze zijn

U dacht nog
‘Wat een leuke vrouw’
Dat is ten dele waar
Want voor u staat
(niet schrikken)
Een wespen-moordenaar.

Esther Smit, augustus 2022

Ik zag ze, stoer en rustig
één voor één mijn drempel over gaan
In blauwe uniformen
in mijn kamer staan
Jij dacht, al kijkend naar je schoenpunten
Fuck, ze heeft het tóch gedaan!

Nooit meer verrekken
van de pijn
De blauwe plekken
bedekken
Op een zichtbare plek
zou jij nooit slaan

Jij, met je mooie blauwe ogen
Ik ken geen goede reden voor geweld

Vergeving? Ammehoela!
Jouw dagen zijn geteld

Esther Smit, 2022

Ach was ik maar een waaiboom
Met waai-bomen-hout
Dan hoefde niemand iets van mij
Men delft bij mij geen goud

Geen jaarringen, noesten
Geen ziel waar men naar zaagt
Alleen een onderstroom met sap
Dat door mijn takken jaagt

Geen tekening van nerf en hout
Om planken van te zagen
Alleen maar grillig takken war
Om buren mee te plagen

Een onverwoestbaar wortelstel
Dat steeds weer boven komt
Een plaag van creativiteit
Die gelukkig nooit verstomt

Esther Smit, februari 2022

De klas
Is waterpas
Het zweet verzinkt
In klamme schoenen

De overmoed
Landt als een maanlander
Op lollig linoleum
Oranje
Hoe verzinnen ze het…

esTher Smit, november 2021