Astrid Aalderink

de dagen waren rekbaar
het elastiek om onze enkels
veerde steeds terug

stekelbaarsjes zwommen
-bestaan ze eigenlijk nog? –
in de glazen beek
verstilden in de stroom

sprookjesvissen waren het
in felrood en turquoise
met drie doornen gekroond

wij klommen in de hoogste bomen
wisten ons veilig, voortdurend
door groene armen omhelsd

in het mangrovebos
zwemmen ongeschubde vissen
rond wortels wuift het zacht

de tijd blijkt een verzinsel
daar komt mijn moeder om de hoek
met tassen, van de markt

ik word opgetild, gedragen
ben terug op lome dagen
zie hoe ze lachte, perziken
en rijpe kersen droeg

hoe de zomer
nooit te laat kwam
de herfst geen dag te vroeg

Eerste strofe: ‘Elastieken’ was in mijn jeugd een spelletje dat vooral door meisjes gedaan
werd.
Vijfde strofe: Stekelbaarsjes hebben geen schubben, maar beenplaten.

Astrid Aalderink, juni 2023

Een roodbruine eekhoorn uit Eelde
die zich never-nooit-niet verveelde
sprak: hier in het groen
is steeds iets te doen
zo’n mastjaar als dit is een weelde!

Een vrolijke zebra uit Naarden
stond trots in een wei vol met paarden
hij had al snel door:
‘k heb een streepje vóór!
ik denk dat ik hier wel kan aarden

Een klussende kever uit Putten
was bezig zijn huisje te stutten
fundering bestond
uit drassige grond
zodat hij een kei moest benutten

Een aalgladde aardworm uit Aken
probeerde om zwanger te raken
maar wormman zo kil
ging niet graag van bil
zodat ze haar poging moest staken

Astrid Aalderink, december 2022

er is infrarood, ultraviolet
cola light, shining bright
lichtvoetige tred

er is fonkelend, sprankelend
lumineus, er is clair obscur
lucide, gracieus

er is luchtig en vluchtig en
ondergewicht, er zijn lichtgewicht
fietsen, een light verse gedicht

zo ook lichtende goeroes
astrale gidsen, protuberansen
en bliksemflitsen

er is noorderlicht, nieuw helder
zicht, er zijn regenbogen
van mededogen

er is langzaam ontwaken
en ‘love at first sight’
but most of all please

LET THERE BE LIGHT!

Astrid Aalderink, november 2022

de stomdronken barbier
wankelt door de straten
het knellend lijf een last
uit alle kieren sijpelt bier

geen woord uit zijn mond
zorgvuldig gewogen
op een gouden bascule
zoals overdag

bij wassen, knippen, scheren
veelvuldig oreren
geen rust hem gegund

als de föhn stopt met blazen
zijn holle frasen, geuit
in ruil voor klinkende munt

het credo van het ego
is weeg en meet
zwoeg en zweet
vul zakken, voller, volst

verdoof hopeloosheid
daarna in kroegen
hij stommelt de trap op
in het holst

als laat ochtendlicht
door gordijnen glipt
weet hij het zeker
zijn weegschaal de deur uit!

waar was gewicht
toen zijn leven
net begon?

zwaarte verdampt
in lichtvoetig kuieren
later die dag
zijn gezicht naar de zon

Astrid Aalderink, oktober 2022

daar komt Morgaine
op haar bruine paard
ze heeft zeven heuvels bereden
een plukje haar
plakt aan haar wang
haar blauwe blik intens
dampend paardenzweet
stijgt op
als nevelen van Avalon
of zoals
na een warme dag
het natte asfalt ademt
zwart zwaaiend raakt
de lange staart tot haast
voorbij haar laarzen
en in een tel
vol vreugde
herken ik wie ik ben
in haar oogopslag
als boven ons
de hemel openbreekt

In Nevelen van Avalon /The Mists of Avalon
van Marion Bradley Zimmer wordt de legende
van koning Arthur voor het eerst beschreven
vanuit het standpunt van de vrouwen
die hierin een zo grote rol vervulden.

Astrid Aalderink, oktober 2022