Anna Wiersma

Wie iets niet goed doet
Daardoor spoed ontmoet
Die schoot zichzelf
Hoogstwaarschijnlijk
In de voet

En strompelt in een
Spoor van bloed
De hulp spoedeisend tegemoet

Die hulp bij spoed
Drinkt koffie, doet
Alsof zijn neus bloedt
En hij zijn tijd
Niet graag verdoet
Met jou als eerste hulp-patiënt
Alsof je een verstekeling bent

Maar dan, wanneer hij
Toch vermoedt, dat hulp geboden is
Roept hij, vanachter ‘n dikke krant
‘Met spoed een drukverband’.

Anna Wiersma, mei 2024

Ik ga in gedachte terug
naar dat terras, in mei.
Vergeten ligt de krant op tafel.
Ik luister naar de zinnen,
de woorden komen ook bij mij vanzelf.
Twee glazen wijn, twee levens…
Dit voelt zo licht, zo nooit verwacht.
Heel zacht wijst mij een stem de weg.
Ik weet nu; jij wordt wij!

Anna Wiersma, 2-1-2014

De wind steekt op
De koek is op
Het doek gaat op
Of gaat het open ?
Ik los de nieuwste puzzel op
Ga dan een stukje lopen
Op de dijk
De zon is al een tijdje op
En ergens anders onder
Mijn nieuwste hoed
Zet ik maar op
Opdat de regen op mijn kop
Geen vat meer krijgt
Dan wind ik mijn horloge op
Het is niet digitaal
Op tijd stap ik dan op de trein
Naar Deventer
Waar iedereen op eigen wijze
Slim zal zijn met woorden
We nemen na die tijd vrees ik
Niet veel meer op

Anna Wiersma, maart 2024

Vandaag stond een persoon op ‘t spoor
En daardoor Rika kon ik langer naar je kijken
Vlak bij Eefde, voor de brug over het kanaal

Het sein is nu weer veilig, we rijden door
Dat dingen toch zo wezenlijk anders lijken
Zonder snelheid in het spel is wel banaal

Bazuinen vallen weg, een matig engelenkoor
Dooft uit, ik zal niet naar je wezen reiken
Bij zo lang samen, staat Piet Snot voor Paal

Anna Wiersma, februari 2024

Goudleer behang siert
Wanden waar de tijd aan kleeft
Een kaars driekwart verstookt
Een zwarte walm op vleugje tocht
Wat bracht mij hier
Zocht ik voor het verschiet
Of enkel het verleden
Het licht nu bijna op
Geeft laatste glinstering
Het zit erop, gegroet
Het is mooi geweest

Anna Wiersma, januari 2024