Agenda


UITNODIGING VOOR HET INZENDEN
VAN GEDICHTEN OP CAFÉ ONLINE VOOR DE MAAND DECEMBER

Beste dichtvrienden (m/v)!

Onder normale omstandigheden zouden wij jullie hebben opgeroepen om en masse te verschijnen op onze 114e dichtbijeenkomst, maar dat mag helaas nog niet zo zijn. Onze contacten blijven beperkt tot een virtuele aanraking. Ons Cafe on line.
Maar, hoewel second best, toch een bron van verwondering en leesgenoegen over wat uit onze gelederen is opgeweld. Wij mochten de gewaardeerde inzendingen verwelkomen van (in willekeurige volgorde): Dick van Welzen, Wim v/d Hoonaard, Jan van Laar, Tinus Derks, Ger van Diepen, Joseph Paardekooper, Louise Broekhuysen en Cees Leliveld (Ja, die zal er niet bij zijn). Allemaal al gezien? Doen!

En dan werd onze rubriek Nieuws bijna overstroomd met berichten uit ons midden: Het nieuwste boek van Neletta (Schemermoorden), de eerste (?) kwatrijnenbundel van Fedde Forch (Mien God Martha…..) en, niet als minste: de aankondiging van een dichtwedstrijd, uitgeschreven door de Dorpsraad Gorssel en bij ons binnengebracht door Dick van Welzen.
Noot: nog geen gedichten uit het Deventerse binnengekomen!
Wij kunnen de schoonheid van het Gorsselse landschap nog bezingen tot 10 januari a.s. Mooie prijzen. Wij hopen eind december hierover nader en positiever te kunnen berichten!

En dan, haast ongemerkt, is het dinsdag alweer 1 december. Een nieuwe productiemaand voor ons Cafe. En een typische dichtmaand natuurlijk.

Wij hebben voor jullie deze keer twee thema’s geselecteerd, waaruit jullie mogen kiezen maar die je ook allebei kunt aangrijpen om in dichterlijke zin helemaal ‘’los te gaan’’. Anna Wiersma zond ons een inleiding tot het werk van Willem Barnard, beter bekend onder zijn schrijversnaam Guillaume van der Graft. De bekende dichter Ingmar Heytze was een fan van hem en zijn favoriete gedicht van Guillaume is als toegift bijgevoegd.
Willem heeft ook een nog beroemdere zoon: Benno Barnard. Ook schrijver, dichter, essayist, etc. Op dit rijke veld valt zeker een dichterlijke bloem te plukken!

En dan: onze Arja Scheffer. Nooit verlegen om een boeiend onderwerp en zij verraste ons met een intrigerende inleiding over het onderwerp Huidhonger.
Een actueler onderwerp is nauwelijks mogelijk! Onder die titel zijn weliswaar meerdere boeken verschenen, maar zij heeft het oog op een heel specifiek boek gericht, waarbij zij ook verwijst naar verschillende links op het internet. Ook hier staat een rijke oogst te velde!

De teksten van Anna en Arja (beiden kwaliteitsklasse A) staan hier onder vermeld. Om een lang verhaal kort te maken: de teerling is nu geworpen en wij hopen hartstochtelijk dat velen van jullie de virtuele Rubicon zullen oversteken, waarna wij elkaar, uiterlijk op 29 december, aan de overkant zullen ontmoeten, overladen met gedichten.

Uitgezwaaid door JosephCeesTinus


Thema’s

Willem Barnard – Guillaume van der Graft

Guillaume van der Graft, pseudoniem van Wilhelmus Barnard (15-8-1920) stierf in 2010. Vanwege zijn 100e geboortedag verschijnt in 2021 de gedichtenbundel; In wind en vuur, waarin alle 350 kerkliederen verzameld zijn.
Zijn bundel: Er loopt een gedicht voor mij uit, is te bestellen via internet. Deze is niet meer te verkrijgen in de boekhandel.

Van der Graft was theoloog, dichter, kerklied-dichter & psalmvertaler. Hij noemde zichzelf ‘taalslaaf’. Hij was in de eerste plaats dichter vond hijzelf want ‘als je dichter bent, ben je dat altijd meer dan iets anders, ook al zijn er nog veel andere dingen die ook belangrijk voor je zijn’.

Aanvankelijk deed hij een letterenstudie, maar na dwangarbeid in Duitsland, besloot hij theologie te gaan studeren. Hij is predikant geweest te Nijmegen, Amsterdam, Hardenberg en het Gelderse Rozendaal.

Hij maakte in zijn leven nieuwe psalmberijmingen, was liturgie-vernieuwer, liefhebber van de Anglicaanse kerkcultuur, van het theater, liturgie en poezie. En hij schreef vele gezangen.

Hij hoorde nooit helemaal bij de Vijftigers, hoewel hij daar soms toe gerekend wordt. Een dominee werkte met zintuigen en ervaring was het idee. Terwijl bij de Vijftigers lichamelijke beelden een grote rol speelden. Ingmar Heytze was bevriend met hem, zij hadden elkaar ontmoet bij een nacht van de poezie (1998). Na het optreden daar, zei Heytze tegen Van der Graft:” Ik dacht dat u dood was!”. Van der Graft keek om zich heen en zei: “Dat schijnen wel meer mensen hier te denken”.

Van der Graft was een twijfelaar en aarzelaar, eerder dan een vrome man zegt zijn dochter. Het was juist de basis van zijn geloof, vond hij zelf. Na zijn emeritaat ging hij over tot de Oud Katholieke kerk, die meer op het Lutherse kerk lijkt.

Eind jaren negentig maakte hij een comeback, nadat hij eerder al uit beeld geraakt was. Hij imponeerde jonge dichters(o.a. dus Heytze), en zijn verzen leverde hem een schare bewonderaars op. Heytze noemt van der Graft schromelijk onderschat. Ook waren er mensen die vonden dat hij de P.C Hooftprijs moest krijgen, waaronder Heytze. In de kerk was zijn gezag zichtbaarder.

Aan zijn vrouw Katinka wijdde hij vele gedichten. Zij overleed in 1995.

Tenslotte het lievelingsgedicht van Ingmar Heytze:

Denk mijn naam wanneer ik dood ben,
denk mijn naam maar roep mij niet,
ik ben vergeten hoe ik heet.

En denk aan mij hoe dwars ik was
hoe tuk op taal en hoe onzeker
en dat ik van je hield met huid en ziel.

Maar roep mij niet, lief, roep mij niet
ik ben vergeten hoe ik heet.

Guillaume van der Graft

Huidhonger

Tot voor kort werd het woord huidhonger niet regelmatig in de mond genomen, toch intrigeerde het me al enige tijd en zodoende leende ik bij de bibliotheek het boek ‘Huidhonger, aanraking is van levensbelang‘ van Bruno Müller-Oerlinghausen en Gabriele Mariell Kiebgis. Hierin wordt beschreven hoe belangrijk aanraken voor een mens is en dat bij een gebrek hieraan je zelfs ziek kunt worden.
Door de Covid19 uitbraak heeft het woord een enorme spurt in populariteit gemaakt. Werd dit fenomeen voornamelijk in verband gebracht met baby’s (en dementerenden), tegenwoordig treft het hele bevolkingsgroepen en lijden we massaal aan huidhonger! Daar is geen vaccin tegen bestand….. Bij huidhonger moet honger worden opgevat als de hunkering om aangeraakt te worden. Aanraking zorgt voor een geluksgevoel, zowel bij de gever als de ontvanger. We kunnen niet zonder!

In bijna alle landelijke kranten is er aandacht aan besteed. Ianthe Sahadat geeft een wel haast poëtische inleiding bij haar artikel voor de Volkskrant (17-04-2020):

“De mens, buigzaam als een rietstengel, laat zich ogenschijnlijk rap gieten in de mal van het ‘nieuwe normaal’. Uitwijkmanoeuvres op stoepen als een moderne danschoreografie, luchtboksen en elleboogbegroetingen, kletsen op roepafstand en digitaal door de wol geverfde oma’s die zoomen met het nageslacht.”

In tijden als deze, waarbij de anderhalve meter afstand en het verplicht dragen van een mondkapje de norm zijn, het zogenaamde ‘nieuwe normaal’ (of zo je wil: het abnormaal), ontstaat er een chronisch gebrek aan aanraking, onze primaire levensbehoefte! En de maatregelen die het kabinet ons oplegt en de angstcultuur die er is gekweekt zorgen er juist voor dat er meer stress ontstaat. Immers het stresshormoon ‘cortisol’ stijgt in plaats van dat het daalt, om van het ‘knuffelhormoon’ (oxytocine) maar niet te spreken. Dat lijkt bevroren en wie weet smelt het zelfs langzamer dan de ijskap nu.

Uiteraard had ik een hele uiteenzetting kunnen schrijven over dit thema, maar er is genoeg te lezen op het internet (zie hieronder), dus laat ik het hierbij, in de veronderstelling dat de meesten wel weten en ondervinden wat huidhonger is!

Beste dichtvrienden, in de bijna tien jaar dat het Dichterscafé bestaat, sta ik er telkens versteld van hoe divers en van welk een hoge kwaliteit de oogst aan gedichten op de thema’s is. Dat zal deze maand niet anders zijn, schat ik in. Veel dichtplezier en huidcontact met pen en vel papier!!

Arja