Violet Asseruit Mane

Een scherpe neus
In pijpklei gekneed
Ja, God riekt alles

Er is een band
Magritte en zijn neus
Riek, riek, riek

Een neus op doek riekt niet
En de neus van klei
Rookt die zijn pijpaarde?

Ceci n’est pas une pipe
Dit is geen pijp
En de neus, is hij echt?

Ik voel de neus
Hopelijk riekt de Neus
De getransformeerde mens

© Violet Asseruit Mane

Wat ik mis in mij is het kind
Kind in mij waar ben je nu
Vroeger was je er ook
Waar ben je nu kind
Kind in mij ben je weg
Lief kind zoek je troost
Lief kind heb je verdriet
Zeg het tegen jou eigen kindzijn
Jou kindzijn begrijpt dit
Het kind mist dit allang
Ik mis het kind ook
Wat ging er mis met het kind
Kind is lang geknakt geweest
Kind mag weer terugkomen in mij
Weet niet hoe maar het mag kind
Ben het vergeten kind en ontdek pas
Troost lief kind was onbekend
Lief kind het is nooit te laat
Kom maar weer veilig bij mij
Ik omarm jou kind voor altijd
Blijf bij mij kind en wordt kind in mij
Lief kind daar rolt een traan

Hij rolt tot onderaan
Traan gaat naar het kind in mij
De traan zal troost geven kind
Het kind in mij ontvangt troost
Kind in mij je krijgt liefde
Ik heb je weer gevonden kind
Lief kind in mij blijf bij mij
Dank je wel lief kind in mij
Voor geduld en liefde
Blijf voor altijd kind in mij

© Violet Asseruit Mane

Waarheid is in Hem
Hij weet het
het past Hem,

ik weet het niet
‘t lukt mij amper
alteratie is ontberen

wet van Waarheid
redder in mij
beroer mijn innerlijk

de bastaard is ontluikt,
geweeklaag gaat voort
tis Waarheid die opborrelt

hersenspinsels verdichten
zich, zit daar Waarheid of
arabesken die wringen

liegen zij voortdurend
of verlichten mijn kronkels
zich, zoekend naar composities

cellen in mijn lichaam
eindelijk veranderen zij
opdat zij mogen vergeten

wat door angst vertroebelde
en richtte op Waarheid, daar
groeit nu ultieme klaarheid

geen bedrog maar vrijheid van
strijd, zoek ik verlossing, naar
Vrede en Licht van Waarheid

© Violet Asseruit Mane

Besef en bijval voor de Duif
Geütiliseerd voor onze harmonie
Met z’n zoet strelende eufonie
En frêle toewuif

Jij, lieve Duif komt vaak voor
Soms liggend op een teljoor
Uitgedroogd, opgebrand en zoor
Lig je op een zijspoor

Alzo wil ik de Duif eerbewijzen
Het zinnebeeld der levensgeest
Mijn adem en ziel, nog niet verweest
Liefde en onschuld, boodschappers zijn het
De Duif heeft ook het twijgje doen verrijzen

Duif ik heb je geschouwd
Dichtbij huis daalde je neer
Statig, lopend, rankgebouwd
‘t Lila omringde je telkens weer

Duiven herinneren ons aan Moeder aarde
Somtijds kunnen zij niet wederdalen
Hun lofzang maakt de sluier doorzichtig
Het wijst ons op de levenskringloop
Kruispunten en bijwijlen een gloortje hoop

Zij, een mooie brok Charlotte boetseerklei
Ik vormde haar handen en voeten
Zo kon zij de berg op en af, op zoek naar Akelei

Op de berg was zij vrij van het zware juk en palei
Los van een stukje leven zonder pijn en wroeten
Zij, een mooie brok Charlotte boetseerklei

Tijdens haar weg struikelde zij over de eg en lei
En toch liep zij door op haar klimvoeten
Zo kon zij de berg op en af, op zoek naar Akelei

Regressie naar de akker van haar ziel maakte haar blij
Hoog op die top kon zij haar aangezicht begroeten
Zij, een mooie brok Charlotte boetseerklei

De klei is nu gespleten, die gaf ze aan mij
Mijn eg zal het verkruimelen en het zal elkaar ontmoeten
Zo kon zij de berg op en af, op zoek naar Akelei

Eenmaal op haar berg staarde zij vrij rond en zag een abdij
Terugkeren wilde ze naar de monniken in de Hofstoeten
Zij, een mooie brok Charlotte boetseerklei
Zo kon zij de berg op en af, op zoek naar nieuwe Akelei

© Violet Asseruit Mane

Aan het laden...