Café Online

Aan onze Dichters (m/v)

Wij hopen dat wij, als leden van ons Café, elkaar op deze locatie vaak mogen ontmoeten en elkaar kunnen verrassen, doen verwonderen en ontroeren door inzending van een kolkende stroom van gedichten.

Alle gedichten die normaliter voor een fysieke bijeenkomst worden ingezonden worden nu (behoudens tegenbericht) door het bestuur op Café Online geplaatst. Onze virtuele ontmoetingsplek.

Een hartelijke groet van Joseph – Cees – Tinus

C’était un vieux pont chancelant
Sur les rives de ma rivière,
Il était tout couvert de lierre,
Et de jolis jeux de lumière
Embellissaient son bois branlant.

Il n’était pas splendide et beau
Mon joli petit pont rustique,
Il n’était pas bien artistique,
Mais quelque chose de mystique
Le faisait rayonner par l’eau.

Quelquefois un joli pinson
Venait se poser à son ombre,
Et des fauvettes en grand nombre
Venaient chanter sous son pénombre
En n’importe quelle saison.

Il devait avoir bien des ans
Ce joli pont aux reflets roses
Dont les douces teintes moroses
Faisaient songer à bien des choses
Tous les jours à tous les couchants.

Et j’aimai ce vieux pont branlant,
Je l’aimai d’un amour si tendre
Que toujours je voulais m’y rendre
Pour aller un instant m’étendre
À l’ombre de son bois dormant.

Un jour je fus bien malheureux,
J’étais venu vers ma rivière
Pour voir mon pont de lierre,
Et j’aperçus gisant à terre
De rares débris poussiéreux.

Et depuis on l’a rebâti
Mais ce n’est plus le pont que j’aime,
Ce ne sera jamais le même,
Et cherchant un débris suprême
J’ai pleuré mon ancien ami…

Souvenir d’un ami
Antoine de Saint-Exupéry

Mijn mooie brug

Het was een oude brug van hout.
Begroeid met woekerende planten
Verbond hij beide oeverkanten.
Een lichtspel speelde door zijn spanten,
schijnend op het hout, zo oud.

Hij was niet mooi, niet artistiek,
Mijn brugje over stromend water
Niet bijzonder, maar hij staat er.
Stralend op het water gaat er
Iets vanuit, ja haast mystiek.

Soms komt een merel daar wat doen;
Die rust dan in zijn schaduw, even,
En de mussen, soms wel zeven,
Zingen vrolijk, vol van leven,
‘t Kan niet schelen welk seizoen.

Hij moet zeer oud al zijn geweest,
Mijn mooie brug met roze tinten
En zijn donker bruine binten.
Hij deed me dromen al als kind en
Elke dag was het een feest

De zon daar te zien ondergaan.
Ik hield van hem: zijn oude planken,
En klimop begroeide flanken,
Kwetterende vogelklanken…
Ik lag naast hem, aangedaan.

Op een dag, – oh ongeluk –
Bij mijn rivier weer aangekomen
Werd mij de adem haast benomen:
Het brugje uit mijn kinderdromen
Lag in puin, mijn brug was stuk.

Ach, sindsdien is de brug herbouwd,
Maar ja, hij is niet meer de oude
Waarvan ik toen zoveel kon houden.
Puin slechts rest van mijn vertrouwde
Vriend. Sinds heb ik om mijn brug gerouwd…

Herinnering van een vriend.
Antoine van Saint-Exupéry

Niels Klinkenberg, januari 2023

Wat wens ik eigenlijk
na deze dagen van inhouden
van uitbarsten
van opnieuw landenwijd geweld
het doden – rücksichtslos –
het branden van balkons en daken
van huizen zo hoog die wij
in onze 2 e wereldoorlog nog niet hadden

De winkelier zwevend aan een balkon
balkons waar al het vuil vanaf kan glijden
de dravende overlevenden naar
de uitgegraven schuilholen
het geboren worden van baby’s
alsof er geen anticonceptie
is uitgevonden. Wie
durft nog een kind?

Ik kan het voelen omdat
ik klein in mijn pyjama
tussen alarmgejank – tel niet de uren –
daar zat in een vochtig stinkende
schuilkelder huilende ouderen
wat je nooit zag

Op het laatst kozen mijn ouders
voor zitten onder onze eigen trap
Altijd, zei men, de veiligste plek

Eeuwigheid zei me toen niks
Ik boorde mijn hoofd in
mijn moeders buik.
Tot ze weer opstegen naar ergens
aan de overkant van de Noordzee

Sieth Delhaas, januari 2023

Marquise, si mon visage
a quelque traits un peu vieux,
souvenez-vous qu’a mon âge
vous ne vaudrez guère mieux.

 Le temps au plus belles choses
se plaît a faire un affront :
et saura faner vos roses
comme il a ridé mon front.
 
Le même cours des planètes
règle nos jours et nos nuits :
on m’a vu ce que vous êtes ;
vous serez ce que je suis.
  
Peut-être que je serai vieille,
Répond Marquise, cependant
J’ai vingt-six ans, mon vieux Corneille,
et je t’emmerde en attendant.

Pierre Corneille / Tristan Bernard

Marquise

Marquise, al zijn de trekken
In mijn gelaat wel wat oud,
Besef dat jij je schoonheid
Ook niet jarenlang behoudt.

De tijd dwingt al wat schoon is
Zonder pardon tot verval.
Verdord maakt hij jouw rozen,
Mijn groeven zonder tal.

De ommegang der planeten
Bestiert de mens elk ogenblik.
Ooit was ik zoals jij nu,
Eens zul jij zijn als ik.

Ik zal misschien wel ooit oud zijn,
Antwoordt Marquise zonder spijt,
‘k Ben twintig jaar, waarde Corneille,
Aan jou heb ik jaren nog schijt.

Vertaling: Tinus Derks

Ooit leerde ik vast te leggen
wat ik zag maar niet bestond.
Een nieuwe werkelijkheid brak aan.

Nu loop ik door een winters bos
dat volop nevel ademt.
Alles wordt er trager door
en raakt verder weg.

Het tempo van mijn stap bepaalt
maat en vorm van de schaduw
die er hangt.

In een bocht glijden geruisloos
stammen uit elkaar – verloren
weerzien krijgt een ogenblik
gestalte.

De mist is dichter geworden.

Ingrid Beckering Vinckers, januari 2023

De schemering valt over de gevels
die ik naderbij zie komen
Zodra de trapreden kraken sluip ik naar boven
en schuif de geheime lade open

Mijn vingers strelen het doosje
met de zwaluw, dat is samengebonden
met reepjes fietsband
Vijfjes zitten opééngepakt

Gehavende rondjes met blauwe
hanenpoten versieren de munten
Een zin wordt blootgelegd
Munten verdwijnen, beelden verschijnen

Wapperend zilverpapier, omgespitte aarde
Een blauwe man opgevuld met stro
die de vogels in de lucht houdt
De plantjes worden planten

Warmte, water en aandacht
we kunnen er niet omheen

José Hattink-Blom, januari 2023

Laat ons mensen maken naar ons beeld
zei Hij en schiep hen: man en vrouw.
Was Hij eenzaam of verveeld?
Was het scheppingsdrang of zou

liefde een rol hebben gespeeld?
Was er nog sprake van berouw
nadat Hij ook het lijden had gedeeld
en dood de consequentie werd van trouw?

Weet jij nog hoe we samen keken?
Het raam weerspiegelde een paar
dat lang gelukkig heeft geleken.

Bij daglicht bleek het zonneklaar:
het spiegelbeeld is afgeweken,
de werkelijkheid werd ons te waar.

Ger van Diepen, januari 2023

Nazomer. De klimop pakt uit
met stuifmeelbollen. Het zoemen
van de bijen – hoog, laag,
met aanzwellend crescendo –
vult de tuin tot in de hoeken.
Vanuit het huis klinkt
de piano: de bodem onder
het kwintet van Brahms
wordt grondig gestudeerd.

Terwijl de zon de honing smelt
wordt het aandeel van de strijkers
door de bijen ingevuld. Zij kleuren
mee of tegen, in harmonie of met
perfect geplaatste dissonanten.
Niets wringt of knarst bij deze musici;
in het beheersen van hun instrument
wordt geen toon gemorst.

Tijdens de finale onthouden zelfs
de mussen zich van commentaar,
lijkt de zon niet van zijn plaats
te komen om de honing optimaal
te laten vloeien en banen zich
de slotakkorden ongehinderd
een weg tot in het blauw.

Louise Broekhuysen, januari 2023

Hoe lang nog duiken dolfijnen
in oceanen met sterk vervuild water
waarvoor wij liever de ogen sluiten.

Hoe lang nog cirkelt de valk boven het veld,
onzichtbaar voor de gierige passagier
die voor een stedentrip liever hoger vliegt.

Hoe lang nog pikken onschuldige mezen
zaden uit halmen van verarmde gronden
want politici lezen liever niet over ontkalkte poten.

Hoe lang nog groeien er granen op aarde
door droogte verschroeid, terwijl de vakantieganger
liever vertoeft in parken met waterparadijzen.

Hoe lang nog krioelen er wormen en larven
in de bodem, uitgeput en vergiftigd omdat
wij liever goedkoop dan gezond eten.

Zolang wij liever leven voor de schik,
zijn wij de schrik van deze planeet
en verwordt ook eeuwig tot een ogenblik.

Bertje van Delden, januari 2023

Soms, heel zelden maar,
beleef je een moment
waarop je denkt,
hoopt,
tegen beter weten in:
dat dit zou mogen duren
tot eeuwig in de tijd.
Maar dan vervliegt de roze schijn
en word je weer omhuld
door de kille nevel
van de aardse werkelijkheid.

Cees Leliveld, januari 2023

Oneindig traag door laagland gaan
met elk ogenblik als metgezel
het verdwijnpunt dat verschuift
waardoor elk begin wordt weggewuifd

dankbaarheid voor een helpende hand
een overlijdensadvertentie in een krant
een weggewaaide mandala getekend in het zand
de tijd wint met afstand

Wim van den Hoonaard, januari 2023

Als eeuwig enkel eeuwig was
Bestond geen ogenblik
En ogenblik na eeuwig
Is ondenkbaar
Daarom zeg ik
Eeuwig komt na ogenblik

Anna Wiersma, januari 2023

Ik droomde dat je nog leefde. Je was verhuisd naar wat je
een uithoek van het land noemde en belde me om te
klagen over de onverstaanbaarheid van het hulpje, het
loeren van de glazenwasser en de onhandigheid van de kok

die zelfs geen eieren kon koken. Je woonde in een flat
zonder lift, gelukkig mét ligbad en ingebouwde keuken,
maar gelegen buiten het centrum van de stad,
hoewél in de buurt van de

dierentuin en naast de kerk. ‘Dit laatste valt dan wel weer
mee,’ zei je, ‘want ik heb een zere rug en stijve knieën.’
Steeds vaker raakte je spullen kwijt doordat het hulpje,
volgens jou, alles wat ze zag opruimde of

verstopte. ‘Neeltje,´ riep je dan, ‘waar heb je mijn
wandelstok gelaten, waar liggen mijn tanden en waar is
de krant?’
Dit alles aan te horen was pijnlijk, zelfs in een droom.
Maar het weten dat de resten van mijn vader in een urn
worden bewaard, is nog veel wranger.

Jan van Laar, januari 2023

Wat Web nu ziet
bevat je feitelijk niet
Aardse tijden
verdampen in lichtjaren
Inzichten schuiven en
het einde blijft zoek.

Hoe leven ooit aan land kwam,
de zoektocht van kieuwen naar kaken
vraag het me niet!
Hoe zoekers onlangs een
antwoord uit diepgesteente staken
vraag het me niet!

Lichtjaren en landvissen
Hengelen in tijd en ruimte
Verwondering en schoonheid
troosten elk aards perspectief.

Henk van Rossum, januari 2023

Op deze plek
genaamd zondag
werden momenten
uit de tijd gesneden,
uit jouw ogenblik
sprak eeuwige liefde
vrouw van aard en verleden
onvergankelijkheid las ik
toen uit de lijnen in de palm
van je hand, ze logen

witte konijnen op ons land
de kinderen lachten
op het gras, een avontuur
ze wisten nog zo weinig
een vliegtuigje schreef
de woorden die we niet spraken
in een hemel van azuur
bijna had ik vergeten
er foto’s van te maken.

Envoi

Het geschenk
Meneer Eensteen werd zeventig jaar en meneer Geudel zocht
naar een unicum als kado. Zijn vrouw had al een wollen trui gebreid.
Even nog overwoog hij een Chinese vaas, maar besloot toch
tot spektakel op papier, een giftige gift, die van hier door het wijde
universum vloog en nota bene op z’n vertrekpunt wederkeerde.
Vreemde wereld
Toen zijn jeugdvriend Besso uit de tijd getreden was noteerde
meneer Eensteen dat deze vlak vóór hem uit deze vreemde wereld
vertrok; “maar dat betekent niets”, omdat beiden zeker wisten
dat het onderscheid tussen verleden, heden en toekomst
slechts een hardnekkige illusie is en sterker: een vat vol listen.
Is het verleden verloren?
Meneer Eensteen had heel veel nagedacht over vroeger tijd.
Is alles wat ooit ontstond en geschiedde wel echt verdwenen?
Als ruimte en tijd zich zo aan elkaar hechten tot een gesteldheid
waarin alle ogenblikken en gebeurtenissen paden schenen,
zoals een vliegtuigstreep in het hemelse azuur, in de sneeuw
een stappenspoor, dan zijn zelfs de levens van zij die naar gene
zijde verdwenen ergens opgeslagen – en dat voor eeuwig.
Want alles is relatief en even echt
Door het leven in vier dimensies strekt de hele werkelijkheid zich
zodanig uit dat alle gebeurtenissen van gisteren, vandaag en morgen bevroren
zijn in ons universum, zoals elke scène uit een speelfilm onverbiddelijk vastligt
op een voltooide filmband. Verleden, heden én toekomst zijn dus – tevoren,
nu én straks – even echt. Alle ogenblikken die met je dierbaren beschoren
waren bestaan nog en ook staat reeds gereed wat later wordt geboren.

Dick van Welzen, januari 2023

Een engel boven aardse pracht
zag mensen paren en dacht:
Het lijkt me zo fijn,
van vlees en bloed te zijn.
Mijn eeuwig leven heeft niets in pacht.

Maarten Douwe Bredero, december 2022

Meer gedichten zijn te vinden in het overzicht Dichters van A tot Z!