Café Online

Aan onze Dichters (m/v)

Wij hopen dat wij, als leden van ons Café, elkaar op deze locatie vaak mogen ontmoeten en elkaar kunnen verrassen, doen verwonderen en ontroeren door inzending van een kolkende stroom van gedichten.

Alle gedichten die normaliter voor een fysieke bijeenkomst worden ingezonden worden nu (behoudens tegenbericht) door het bestuur op Café Online geplaatst. Onze virtuele ontmoetingsplek.

Een hartelijke groet van Joseph – Cees – Tinus

Ik zag ze lopen vanuit mijn slaapkamerraam
Nou ja, stevig gearmd schuifelen was het meer
Hun schouders waren naar de grond gebogen
Hun speciale schoenen wezen op oud zeer
Hij liep moeilijk, de benen en de knieën wijd
Zij droeg een brede lach, een grimas meer
Die niet meer spoorde met deze werkelijkheid
Ze stopten voor de stille lege dwarsstraat
De witte haren woeien naar links en naar rechts
En toen: in licht versnelde pas de oversteek en
daar terstond gaf hij haar een rukje om haar
… naar zich toe te halen en …vooroverbuigend
… drukte hij een ferme kus op haar mond!
En weet je …toen zag ik haar stralen, ja stralen
terwijl ze met ogen vol liefde naar hem opkeek!
Ik draaide mij om en zag mijn half beslapen
2-persoons Aupingbed en voelde Au!
En dacht: Wat heb ik fout gedaan
Waar ging het mis … en gewis
Ik pinkte een traantje weg.

Neletta, juni 2024

Laatste toneel, beurtzang

T: O wrakend wijf, staak toch
uw wild geraas: dat kwakend gekijf
en dan uw blaaskakend geschrijf
maakte u tot brakend tijdverdrijf.

P: O afbrekende vent, preek toch
niet zoals een berekenende krent;
elke door u nagerekende cent
vormde een onbetekenend incident.

T: O wrakend wijf, staak toch
dat gekmakende gewrijf
over mijn overal krakende lijf
en mijn stakende verstijf.

P: O afbrekende vent, preek toch
niet als een fakende patiënt;
gij zijt ooguitstekend corpulent,
dat maakte mij verwekend impotent.

T: O wrakend wijf, staak toch
het mismakende halsmisdrijf:
u werd van een welsmakende olijf
tot misselijkmakende spekschijf.

P: O afbrekende vent, preek toch
niet bij ieder uitstekend moment
een kwijlsmekend compliment,
gij zijt een echt-brekende serpent.

P: publiek luister, terwijl ik niet spraakmakend overdrijf
in dit door ons vertoond, ‘t hart rakend, toneelbedrijf
T: met alle plezier tekenden wij u een sprekende prent,
van deez’ versleten liefde als halsbrekende schiettent,
“Hals und Beinbruch!”;
Samenzang:
Ook voor dit mensenpaar komt het oudejaar tot z’n end
en hun toekomst blijft zonneklaar altoos ongekend.

Dirk van Welzen, juni 2024

(ondertitel: Late Liefde)

Van alles wat er was
Was niets zo onverwacht
Als wij
Zo nooit geweest
En toch
Zo doodgewoon
Is niets wat lijkt
Kan niets zo zijn
Als wij…
Zo!!
Anna Wiersma, juni 2024

En toch die kalverliefde of juist díe
aan de rand van de afgrond,
niets hoeft meer

hier is wat we hebben: dat zijn
op jezelf – delen of niet?
Wat blijft nog over?

Zelf verrast, zo rumoerde het
onder de anderen, liepen zij
hand in hand van de een
naar de ander en terug; zouden
zij het doen?

Korte tijd nog en zeker niet eindeloos
noch eeuwig maar,
was dat niet ervoor
ook zo, al die tijd al?
Dat we het nu pas zagen

Nu zelfs zorgelozer?
Zorg lag bij de jeugd en bij wat erna kwam.
Nu niet meer

Tot dat afscheid,
Onherhaalbaar
(nooit begonnen, noch eindigend)

Daarna een
nooit weer.

Jan de Vlaming, juni 2024

Na dat ongevraagde begin
en al dat lange zoeken
naar zin, naar echt en min
nu vastbesloten …. bijboeken!!

Kind ben je, man kun je worden.
Waar blijf je, waar kom je uit
tussen mannelijk en vrouwelijk,
tussen jong en ouwelijk?

In welke hof kun je rusten
met jouw fijne en jouw mindere lusten?
Wanneer overzie je alle speelvelden?
Wie deugen en zijn er foute helden?
Een stoere vrouw is nog geen heks
en ook opa “ELLY” doet aan seks!

Hoeveel vragen blijf je met je meedragen?
Hou je je jeugdkansels en de andere schragen?

Ook al rest er nog maar een fractie
van mijn eerste oer-contractie,
vrijuit zeg ik hier, zonder te zeven,
ik ben gek op het aardse liefdesleven,
zelfs in retrospectief,
ik heb dat leven nog razend lief!!

Henk van Rossum, juni 2024

Wat koud was,
losgetrokken,
hoeken met altijd
iets schurends,
kalk tegen kalk –

wat zag jij door de ramen
dat je de troffel greep,
stenen opnieuw voegde,
naden polijstte, ranken
op de muren schilderde,
de vloeren wreef
tot zijdezacht?

Nooit gaf iemand mij
zo aan mezelf terug,
zo onvoorwaardelijk.
Op goed geluk.

In de tuin stak de kastanje
zojuist zijn kaarsen aan –

wie zo geneest
valt niet meer stuk.

Louise Broekhuysen, juni 2024

hadden wij niet ieder een dak
dan stond jij niet elke vrijdag
op je balkon op de uitkijk
namen we niet hand in hand
de week door aan je keukentafel
begroetten onze lichamen elkaar
niet opnieuw onder je lakens

late liefde
liever latten

Ger van Diepen, juni 2024

Een reis door zijn herinneringen
die almaar mooier worden
wilde bloemen in de plooien
van het kalksteenplateau

Weerbarstig landschap —-

Voor een klein stenen huis
vormt een vloed van oost-indische kers
gezaaid in de rimpels en groeven
één grote welkomstmat

Lies Prins, juni 2024

De ovenschotel voorbereid
maakte ik de kachel aan,
een oude vriend kwam eten.
De aanmaakblokjes weigerden,
het eerste, het tweede, het derde.
Kom toch, hoorde ik,
eens even bij me zitten.
De kachel bleef uit,
tussen ons ging het aan.

Lies Prins, juni 2024

lopend in het park voer ik een telefoongesprek
bij zonsondergang op vrijdag 30 januari 2009

nooit eerder voerde ik een telefoongesprek
onder een sterrenhemel met de Maan en Venus
in loodrechte conjunctie met elkaar en mij
gezien van boven naar beneden

nooit eerder zag ik een vliegtuig Venus naderen
de inslag leek onvermijdelijk, ik was ooggetuige
van de vernietiging van de Godin van de Liefde

nooit eerder zag ik een vliegtuig Venus missen
het leek er achter langs te vliegen
zowel de Maan als Venus bleven staan
in conjunctie met mij in het park

er kwamen geen brokstukken naar beneden
de wereld draaide langzaam door
in het oor bij mijn Sony Ericsson T280i

de hemel zij geprezen.

Louis Radstaak, juni 2024

Dauwtranen druppen langs het raam,
ademloos stil ligt het land, penselen
sluimeren, kleuren dommelen
in de ochtendnevel.
Achter haar het donkere wolkenveld
van omgewoelde lakens, getuigen
van een trage nacht, ongedeeld.

Wit en geheugenloos staart de dag
haar aan, een vleug beweging waart
door sluiermist als plots een haas
zijn lepels spitst.
Een groet van ver, een roep uit het verleden?
Fluwelen herinneringen aan huid op huid
maken het bestaan even heel.

Bertje van Delden, juni 2024

leeftiid
ûnbestimd
ta it momint
dat it feroaret
yn in ûnbestjuttend
eagenblik fan middelber
nei bejierre troch opmerking
of do eins noch wol in hûn nimme
kinst en dy ûnferhoalen lêste libbensfaze
yn donderje lit op gympen rinne en spikerbroek
kin noch krekt mar asʼt bespot wurdt eins krekt net
mear wannear it petear hieltyd faker oer tichtbye takomst
of fiere ferline giet dan realisearje dat der folle mear tiid foarby
is dan noch komme giet en spekulearjen ûntstiet oer wat dy noch te
wachtsjen stiet grutte en lytste ûngemakken kwalen dy ynienen opkomme
in tumor of fal wêr gjin kânsberekkening foar bestiet teloarstellingen fuortlaitsje
of befjochtsje mei humor mar frij om te gean en stean in seeën fan tiid nea mear hast
it lok fan in bernsbern wa do noch safolle foar betsjutte kinst en troch soargeleas leafhawwe
verbusterje wurde nei in dei spieljefarren sûder lèsten allinnich mar de lusten yn eigen hûs rêste
en ûnferwachts dochs noch op dy lettere leeftyd in ynlike leafde ûnderfine en thús neigenietsje wer
útrêste om ûnferwachts dochs noch op dy lettere leeftyd sa ʼn moaie ynlike ferlearens te gewaarwurde

erika visser, juni 2024

leeftijd
onbestemd
tot het moment
dat het verandert
in een triviaal ogenblik
van middelbaar naar bejaard
door opmerking of er eigenlijk nog
wel een hond genomen kan worden en
je pontificaal laatste levensfase in donderen
laat op gympen lopen en in spijkerbroek kan nog
net maar als dat bespot wordt eigenlijk net niet meer
wanneer het gesprek steeds vaker over de nabije toekomst
of het verre verleden gaat ook realiseren dat veel meer tijd voorbij
is dan nog komen gaat en het speculeren ontstaat over wat je nog wel
te wachten staat grote en kleine ongemakken en kwalen die ineens opdoemen
een tumor of val waar geen kansberekening voor bestaat teleurstellingen weglachen
of bevechten met humor maar vrij om te gaan en staan in zeeën van tijd nooit meer haast
het geluk van een kleinkind voor wie je nog zoveel betekenen kan ook weer verbaasd over dat
onbekommerde houden van en na een dag spelevaren zonder de lasten alleen maar de lusten thuis
nagenieten en weer uitrusten om onverhoopt toch nog op latere leeftijd een innige verliefdheid te ervaren

erika visser, juni 2024

Hoe wil je oud worden? Met wie wil je sterven?
Hoe wil je lief hebben? Plezier of bederven?

Caught in the action als Bonny & Clyde?
Met vele gezichten, als Jekyll and Hyde?

Of hul je je zwijgzaam en heel gedwee
In eenzelfde kleur fleecejas van de ANWB?

Nee dan liever oud worden als Calamity Jane
Het leven is mooi, ook al ben je alleen
Potentiële minnaars schiet je zo van je erf
Hup, en nu rennen! Ga snel heen, of sterf.

Of toch nog die poort, voor één keertje open?
Op ’t gevaar af, dat het niet heel erg goed af gaat
lopen?

Soms is het dapper, je kwetsbaar te tonen
En blijkt dat de liefde bij jou komt wonen

Esther Smit, juni 2024

uz tuos, kurie mokos nebüti
po griuvanciom kultürom, tarp akmens
ir akmens, marijos ir magdalietés,
tarp dao ir dade,
bet visa tai baigias many,
kai akis susitraukis i svino grynuoli,
be laiko priemaisu,
à votre santé, uz dingusius zemynus,
uz neprivalomus vaizduotés
kürinius tuscioje menéje
per pokylio spoteoze, pati sirdies
pakyléjima

Eugenijus Alisanka (x 1960)
(vertaald uit het Litouws door P.B. Kempe)


A votre santé

Op hen die leren afwezig te zijn
waar beschavingen instorten, tussen rotsblok
en rotsblok, maria en magdalena,
tussen tao en dada,
maar dit alles eindigt in mij
als het oog ineenkrimpt tot puur lood,
zonder toegevoegde tijd,
à votre santé, op verzwonden werelddelen,
op uit de lucht gegrepen scheppingen
van de verbeelding in holle zalen
tijdens de kroon op het feest, juist bij de
leniging der harten

Haastig een woord
dat bij een moeder hoort

hoe vaak heeft zij zich niet
vliegende keep gevoeld
van boterhammen smeren
naar haren vlechten
knopen vast
gulp dicht

krijgt ze de vermaning
haastige spoed
minder goed

weer zo’n regel
op betuttelende toon

Moeder, heb je ’t wel gehoord?
Knoop het in je oor
of beter nog
zeg het vooral niet voort

Sieth Delhaas, mei 2024

Meer gedichten zijn te vinden in het overzicht Dichters van A tot Z!