Café Online

Aan onze Dichters (m/v)

Wij hopen dat wij, als leden van ons Café, elkaar op deze locatie vaak mogen ontmoeten en elkaar kunnen verrassen, doen verwonderen en ontroeren door inzending van een kolkende stroom van gedichten.

Alle gedichten die normaliter voor een fysieke bijeenkomst worden ingezonden worden nu (behoudens tegenbericht) door het bestuur op Café Online geplaatst. Onze virtuele ontmoetingsplek.

Een hartelijke groet van Joseph – Cees – Tinus

de wereld is mooier als het sneeuwt
bekende plekken worden betoverd
bange hoeken worden onschuldig afgerond door wit
platgetreden paden zijn als nieuw door geknisper onder mijn kisten

ik wil dat het sneeuwt in mijn hart
de bekende plekken, de bange hoeken, de platgetreden paden
mooier, nieuwer, onschuldiger
knisperend
ja, een knisperend hart, Heer
dat is wat ik wil

Daniël Drost, 8 februari 2021

Ik heb het geprobeerd
Mijn pen zweefde
Boven het papier…
Dit moet gezegd
Dat moet geschreven
In de overgave
Ligt de oplossing:
Ik kan niet anders.

Dick Smeijers

Als je in de knoop zit
Het ingewikkeld om je heen is:
Ontwikkel!
Hak die knoop door
Scherp het mes
aan twee kanten.
Snij door de brei van draden
Zuiver het netwerk om je heen
en hou de lijn
in eigen hand.

Dick Smeijers

Naar hem te kijken.

Zijn universum zou ik nooit
kunnen kruisen maar hijzelf
paste altijd in mijn ogen.
Hoe hij aan tafel schoof,
zijn mes vasthield,
zijn boterham besmeerde.
Hoe hij de boeken
in zijn schooltas propte;
voor de deur stond
met zijn vrienden, wegreed
op zijn eerstverdiende scooter.

Hoe hij zijn eigen huis,
zijn eigen vrouw,
zijn eigen kinderen.
Hoe hij ouder, krommer,
langzamer en op het laatst.
Men zei hij is het al
niet meer maar ik zag
die ik altijd had gezien
en tenslotte samenviel
met alles wat ik aan hem
in mijn ogen opgeslagen had.

Louise Broekhuysen

ik slinger me in bochten
voor het plezier van slingeren in bochten
ik stroom
met de stroom
ik glinster in golfjes
krinkel in kolkjes
bespring de vistrap
in spattende druppels
ik kriebel het kroos
en plaag de waterplanten
ik spiegel de wolken
voor het plezier van spiegelen van wolken
bij heldere lucht
toon ik mijn diepte
mijn donkere diepte

Lies Prins

Dag mussen,
zijn jullie er ook weer,
zegt ze iedere ochtend
naar buiten kijkend,
zorgeloos moment
op de nog jonge dag,
de angsten van de nacht
in slaap gevallen.
De stilte om haar heen
heet nu nog rust,
maar als het schemert
eenzaamheid.

Lies Prins

Ieder jaar en altijd in de maand april,
je kunt er vóór zijn of er tegen,
verschijnt, als teken van Zijn Koninklijke Wil,
de onvermijdelijke lintjesregen.

Welke borst zal de onderscheiding mogen dragen,
leidend tot ontroering en ook dankbaarheid,
ten teken van des Konings Welbehagen,
in diep geheim en stilte voorbereid?

Toch blijven velen van het erelint verstoken,
dat zij wel zouden verdienen, zeker en gewis.
Maar ooit worden zij wellicht toch eervol toegesproken,
wanneer hun lintje in de regen ook voor hen gekomen is.

Cees Leliveld, november 2021

Je kwam tot bij de hemelpoort
en dacht het paradijs te betreden
Helaas werd je wet met voeten getreden
nog voor je smeekbede werd gehoord
Net een keer te veel bedrogen
is je onschuld voorgoed vermoord
Ere zij God, ere zij God in de hoge

Jij, die de rook van het vuur kon scheiden
en sliep met de engelen van de nacht
hebt één keer te veel je moed opgebracht
Hemel en hel, je kende ze beide
Terwijl je de woorden Gods bewaarde
diep in je hart, besloop je het lijden
Vrede op aarde, vrede op aarde

Je moet terug, het is niet te geloven
en weer vult je mond zich met bloed en met stof
Hoor je de engelen, zij zingen Gods lof
Hemelse koren zijn niet te doven
Net een keer te veel geslagen
houd jij je doof voor wat ze beloven
In de mensen, in de mensen een welbehagen

Ger van Diepen, november 2021

De klas
Is waterpas
Het zweet verzinkt
In klamme schoenen

De overmoed
Landt als een maanlander
Op lollig linoleum
Oranje
Hoe verzinnen ze het…

esTher Smit, november 2021

De tijd tikt door
De stress sist
Sissend uit de pan

Je krast weer door
Wat je eerst dacht

Gedachten dwalen
Naar de nacht er voor

esTher Smit, november 2021

Met hoofd en hand iets nieuws creëren
en lukt het niet, opnieuw proberen
voor met een boekje in een hoekje
en misschien een open doekje

En bent u ziende doof voor blinden
dan zal ik hierom geen doekje winden
immers íeders welbehagen
vraagt van u het voor te dragen

Tot in lengte van de dagen
in den hoge en alle lagen

Wim van den Hoonaard, 16 november 2021

Ze wil bewijzen dat ze alle sonates van Mozart uit het
hoofd kan spelen. ‘Noemt u maar een opusnummer,’
roept ze naar het publiek. Wanneer iemand reageert,

gaat ze aan de piano zitten en staart geconcentreerd
naar de toetsen tot zij zich de genoemde sonate van A
tot Z herinnert. Ook tijdens het spelen laat het geheugen

haar niet in de steek. Na het applaus legt ze uit dat elke
sonate een eigen karakter heeft, net als ieder kind in een
gezin. Eerlijkheidshalve voegt ze daaraan toe, dat het

aantal kinderen dat ze zelf gebaard heeft, aanmerkelijk
lager uitvalt dan de 18 sonates die Mozart heeft nagelaten.

Jan van Laar, november 2021

men moet z’n tuin huizenhoog behagen,
alle droogstoppels zo ongezien verbloemen
men moet wild- en kreupelgroei verdoemen
en hele volksstammen tot brandhout zagen
want spoedig zal het winter zijn

laat zeker toch uw laatste steunpilaren schragen
zie nieuwe plagen laag-bij-de-gronds vertakken
men moet de Japanse duizendknoop doorhakken
en tegelijk klaplopende spotvogels verjagen
want spoedig zal het winter zijn

men moet desnoods een kruiwagen durven vragen
ga dan naar binnen, voldaan in ‘t schemerend uur
om de tuinman en de dood bij opgerakeld haardvuur,
beter nog, de dood of de gladiolen voor te dragen
want spoedig zal het winter zijn

Dick van Welzen, november 2021

Links en rechts een kopje gevend treedt hij binnen,
schrijdt statig naar zijn verheven zetel
waar hij zich behaaglijk neervlijt na wat gewentel
om aan een uitgebreide wasbeurt te beginnen.

Vanaf zijn uitverkoren positie kan hij heerlijk spinnen,
maar zijn ogen vernauwen zich soms razendsnel,
hij krabt direct, blaast leugenachtig fel, maakt echt een rel
als een huisgenoot zijn plek wil winnen.

Na 11 jaar eisen de kamerleden onverbiddelijk mijn vertrek,
geen haar in mijn vacht zal zich daarbij neerleggen,
het pluche van deze stoel voelt te comfortabel.

Dit blijft voorlopig nog míjn presidentiële stek,
alle tegenstand kan ik met een formidabel argument weerleggen
want let op, het betreft hier een sonnet en zeker geen fabel.

Bertje van Delden, november 2021

Een dunne grens tussen
on- of welbehagen
Het knipperen van een oog
dat spiertje bij de mond
Te korte of juist
eindeloze dagen
Een niet gevoelde wond
Iets zeggen waar het
beter was te vragen
Of ziekelijk behagen

Anna Wiersma, 23-11-2021

Meer gedichten zijn te vinden in het overzicht Dichters van A tot Z!